Proeven

Olie in de pasta en 20 andere misvattingen over voedsel

eten, voedsel, misvatting, mythe

    1. ‘Er zijn vier smaken’. Naast de smaken bitter, zoet, zuur en zout kan de tong nog een vijfde smaak onderscheiden, umami genoemd. De naam komt voort uit ‘umai’ (Japans voor heerlijk) en ‘mi’ (Japans voor smaak). Umami versterkt de hartige en zoete smaken in ingrediënten.
    2. ‘Met het puntje van de tong proef je zoet’. Er zijn op de tong geen aparte gebieden voor de verschillende smaken. Zoet, zout, bitter, zuur en umami worden op alle plaatsen op de tong door de smaakpapillen herkend.
    3. ‘Niet zwemmen direct na een maaltijd is slecht’. Eten vlak voor inspanning vergroot het risico op spierkramp niet. (Er is wel een correlatie tussen drinken en verdrinken.)
    4. ‘Suiker maakt hyperactief’. Nee, verschillende onderzoeken laten zien dat er geen verschil is in gedrag van kinderen die een suikerrijk, dan wel suikervrij dieet krijgen.
    5. ‘Vitamine C helpt tegen verkoudheid’. Vitamine C kan een beschermende werking hebben tijdens zware inspanning in koud weer en kan de duur van de verkoudheid iets verkorten.
    6. ‘Van gekruid eten krijg je een maagzweer’. Er is geen bewijs dat pittig eten of koffie een rol spelen in het ontstaan van maagzweren bij gezonde mensen.
    7. ‘Van wortelen ga je beter zien’. Dit is een mythe die in de Tweede Wereldoorlog ontstond. Wortels zijn weliswaar gezond, maar geven geen superzicht. Ze kunnen wel helpen om het gezichtsvermogen te verbeteren van mensen die te weinig vitamine A binnen krijgen.
    8. ‘Je moet tenminste 8 glazen water per dag drinken’. Dit is niet altijd nodig. Het hangt af van factoren als gewicht, inspanning, kleding, temperatuur en vochtigheid. Bovendien is voeding ook een belangrijke waterbron.
    9. ‘Alcohol verdampt tijdens het koken’. Onderzoek laat zien dat na 2 uur koken in een gerecht nog steeds 10% van het oorspronkelijke alcoholgehalte aanwezig is, te weinig echter om dronken van te worden.
    10. ‘Je krijgt hoofdpijn na Chinees eten’. Het Chinese restaurant syndroom is grotendeels een broodje-aap. Er is geen bewijs dat ingrediënten in het voedsel dat er geserveerd wordt, al is er wel onderzoek dat duidt op mogelijke gevoeligheid ervoor.
    11. ‘Zout water kookt eerder’. Integendeel, zout water vergt meer tijd om het kookpunt te bereiken. Dit komt door het natuurkundige fenomeen van  ‘Boiling Point Elevation’ (‘kookpunt-temperatuurverhoging’).
    12. ‘Dan eten ze toch taart’. Marie Antoinette zei dit niet toen ze vernam dat onder de Franse boeren hongersnood heerste. De zin werd voor het eerst door Rousseau gebruikt.
    13. ‘Olie meekoken met pasta voorkomt kleven’. Helaas, het maakt de pasta juist meer glibberig, waardoor saus niet goed mengt. Ook voeg je daarmee de nodige extra calorieën toe.
    14. ‘Marco Polo nam de pasta mee uit het Verre Oosten’. Dat was niet het geval. In plaats daarvan werd pasta op basis van harde tarwe door de Arabieren, afkomstig uit Libië, geïntroduceerd toen zij in de 7e eeuw Sicilië veroverden.
    15. ‘Bananen groeien aan een boom’. ook al het het een bananenboom, de stam bevat in het geheel geen hout. In feite is hoort het tot de kruidachtigen. Een heel groot kruid, dat wel…
    16. ‘Gelukskoekjes zijn een Chinees gebruik’. Ondanks het feit dat ze met de Chinese keuken worden geassocieerd, werden ze in Japen uitgevonden. Ze zijn in China erg zeldzaam.
    17. ‘Espresso is sterker dan ‘gewone’ koffie’. Een standaardkop filterkoffie bevat meer cafeïne dan een enkele espresso. Door het grotere volume is de verhouding cafeïne versus water in gewone koffie een andere.
    18. ‘Mensen die geen vlees eten komen eiwit tekort’. Een vegetarisch of veganistisch dieet kan voldoende eiwit bevatten voor een gezonde voeding. Toch kan een vitamine B12-supplement nodig zijn.
    19. ‘Het duurt zeven jaar voordat kauwgum verteert’. Nee, kauwgum is weliswaar slecht verteerbaar, maar gaat net zo snel door het spijsverteringskanaal als andere stoffen.
    20. ‘Een dieet kan helpen om te ontgiften’. Het is een veelvoorkomend gedachte dat sommige voedingsstoffen zouden helpen om te ‘ontslakken’. In werkelijkheid doen de lever en nieren de hele dag niet anders en hebben ze daarbij geen extra hulp nodig.
    21. ‘Zuivel produceert extra speeksel’. Melk en andere zuivelproducten geven geen speekselvorming. Ze hoeven dus ook niet te worden vermeden door mensen met griep of verkoudheid.
Trefwoord

Nieuwsbrief ontvangen?

Blijf op de hoogte van de laatste Upside berichten.


Advertentie